Het lijkt er op, dat Physica in de jaren 1913-1930 een betrekkelijk rustig en traditioneel bestaan heeft geleid. Apotheker Vermet, die in 1947 terugblikte op die periode, kon er eigenlijk weinig over vertellen. En enig verenigingsarchief is er uit die periode niet meer. Het is duidelijk, dat amanuensis Mertens in 1916 werd vervangen door zijn opvolger op de HBS, de heer Wijnands. De banden met de Tielse scholen lijken ook sterker te zijn geworden. Ook de directeur van de Tielse Ambachtsschool aan de Oliemolenwal werd lid van Physica. Nu de HBS (in 1920) rijksschool was geworden, was het gebruik van spullen door buitenstaanders als Physica lastiger geworden. Voor het gebruik van de epidiascoop van de HBS moest het ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen speciaal vergunning verlenen.
De opkomst van leden liet wel al in de jaren twintig te wensen over. Daarom werd na hevige discussies het maximum geschrapt, niet de ballotage. Die ging wel over van de ledenvergadering naar een ballotagecommissie. En na nog heftiger discussies werden begin jaren dertig ook vrouwen toegelaten als lid. Veel zijn het er in die periode niet geweest. In elk geval verzuchtte de voorzitter in januari 1937, dat er eindeloze discussies over de toelating van de dames waren geweest, maar dat het nu de vraag was, waar ze bleven. Men kon het niet meer via boetes afdwingen, want dat stelsel was in 1930 afgeschaft.
In de tweede helft van de jaren dertig groeide het ledental van Physica sterk. Met name de heer Wijnands was hiervan de oorzaak. In 1938 hield hij kennelijk een ledenwerfactie, waardoor het aantal leden steeg van 37 naar 64. Men betaalde voor het lidmaatschap nu vier gulden per jaar. De bode kreeg voor zijn werk dertig gulden en dat werd na de grote ledenaanwas opgetrokken naar veertig.